
Gisteren, 7 januari, was het ‘openbaarheidsdag’ aan de Vrije Universiteit. De VU sloot daarmee aan bij de traditionele jaarlijkse openstelling van nog gesloten archieven. De archieven van het Nationaal Archief trekken altijd de meeste aandacht. Zeker dit jaar, nu het Centraal Archief Bijzondere Rechtspleging (CABR), dat circa een half miljoen dossiers bevat van hen die (al dan niet vermeend) collaboreerden met de Duitse bezetter, (beperkt) openbaar komt. Aan de VU kwam gisteren ook een bijzonder archief openbaar maar dan niet van iemand die fout maar juist bijzonder goed was tijdens de Duitse bezetting: dat van de historicus George Puchinger (1921-1999). Deze chroniqueur van het (protestants)christelijke leven schreef een enorm oeuvre en hield er een omvangrijk (brieven)archief op na, waarin velen die er in naoorlogs Nederland toededen terug te vinden zijn. Ik hield bij de openstelling van zijn archief onderstaande lezing.
Lees verder









