
Van een vriend ontving ik de afgelopen tijd vier postuum verschenen werken van Louis-Ferdinand Céline (1894-1961), fraai verzorgd uitgegeven door uitgeverij Athenaeum-Polak & Van Gennep. Twee daarvan werden voorzien van inleidingen door Arnon Grunberg (Oorlog) en Arnold Heumakers (Londen), de twee ‘sprookjes’ (De wil van koning Krogold en De legende van koning René) zijn becommentarieerd door Franse auteurs. Kennelijk waren hiervoor geen Nederlandse inleiders te vinden. De vier uitgaven, die in Frankrijk groot nieuws waren en ook hier niet onopgemerkt bleven[1], deden me weer eens denken over de man. Daarbij dacht ik minder aan de vorm dan aan de vent. Oftewel: minder aan de bijzondere vorm waarin befaamde romans als Reis naar het einde van de nacht (1932) en Dood op krediet (1936) zijn geschreven dan aan de vent die niet slechts een misantroop was maar ook een fervent antisemiet. Was dat antisemitisme onderdeel van zijn misantropie of was het antisemitisme leidend en stond hij met zijn haat tegen de Joden op hetzelfde standpunt als Hitler?
Lees verder








