Ze is alweer tien jaar dood, Oriana Fallaci. De Italiaanse schrijfster en journaliste die moed als de hoogste deugd beschouwde. En moed had ze. Moed om zich te begeven in de gevaarlijkste oorlogssituaties en moed om zich onomwonden kritisch te uiten over de islam. Deze godsdienst telt verscheidene aanhangers die critici van Allah en Mohammed letterlijk de mond proberen te snoeren. Het lukte niet bij Oriana Fallaci, die een natuurlijke dood stierf en die de wereld de scherpste kritiek op de islam naliet die denkbaar is. Ik herdacht deze vrijdenker op paasavond 3 april 2015 als ‘raddraaier van de redelijkheid’ in OBA live van Human. Het programma is hier te horen:https://www.youtube.com/watch?v=HxOTJUOPpd4
Lees verderTwee levens, twee keuzes: George Puchinger en Willem Frederik Hermans
Ze waren even oud maar hebben elkaar nooit persoonlijk gekend, begaven zich in andere kringen en hielden er een totaal andere wereldbeschouwing op na: de gereformeerde historicus George Puchinger (foto) en de schrijver Willem Frederik Hermans. Ze hadden elkaar vermoedelijk niets te zeggen maar ons misschien toch wel. En dan vooral omdat ze totaal anders kozen in de Tweede Wereldoorlog. Waar Puchinger in het verzet ging, koos Hermans voor accommodatie en zelfs voor stilzwijgende collaboratie.
Uitgeblust nihilisme. Een oude maar nog altijd actuele discussie over Willem Frederik Hermans
Nu Willem Otterspeer zijn biografie van Willem Frederik Hermans in twee delen heeft gepubliceerd dwarrelt het stof langzaam neer. De discussie ging over de kwaliteit over de biografie en ook over het omstreden oorlogsverleden van Hermans, dat Otterspeer in deel een onder de mat probeerde te vegen en dat ik als eerste aan de kaak stelde (zie de recensie van het eerste deel op deze website).Tot een discussie over Hermans’ schrijverschap kwam het vooralsnog niet. Misschien is de biografie daarvoor niet het geschikte genre, misschien was de biograaf een te groot bewonderaar van de schrijver.
Ook de eerste biograaf van Hermans, literair journalist Hans van Straten (jarenlang bevriend met Hermans) kwam eind jaren negentig van de vorige eeuw niet tot een afweging. Schrijver Oek de Jong wel. In een ongeveer gelijktijdig verschenen lezing oordeelde hij kritisch over Hermans’ langzaam uitdovende schrijverschap. Ik viel hem destijds bij, al had en heb ik niets met De Jongs spirituele levensbeschouwing. Ik publiceer het artikel hier nog eens, al was het maar omdat de bewonderende biograaf Otterspeer, zij het wat aarzelend, tot een zelfde oordeel lijkt te komen over Hermans’ uitgebluste nihilisme.
Altijd gelijk maar eeuwig verongelijkt. W.F. Hermans en de Weinreb-affaire
Dezer dagen verscheen het tweede deel van de biografie van W.F. Hermans. Ik lees het momenteel en heb daarover nog geen oordeel. (Over het eerste deel wel zoals te lezen is op deze website). In interviews merkte biograaf Willem Otterspeer op dat de Weinreb-affaire Hermans had veranderd: nadat Hermans zijn gelijk had gehaald in die affaire zou zijn gelijkhebberigheid hem naar het hoofd zijn gestegen en het vermogen tot zelfkritiek, altijd een correctie op zijn scherpzinnigheid, verloren zijn gegaan. Otterspeers opmerking deed mij terugdenken aan het artikel over de Weinreb-affaire dat ik onmiddellijk na Hermans’ dood in 1995 publiceerde in het Historisch Nieuwsblad. Toen al stelde ik vast dat Hermans’ gelijk hem niet zoet smaakte. Hij dacht altijd gelijk te hebben, maar voelde zich eeuwig verongelijkt.
De rebel die regent werd. Harry Mulisch en de geschiedenis
Harry Mulisch is, zoals mocht worden verwacht, na zijn dood in 2010 opgenomen in de canon van de literaire geschiedenis. Zijn huis aan de Leidsekade is inmiddels onderdeel van het Letterkundig Museum en heet Harry Mulisch-
huis. Bezoekers kunnen zich laten fotograferen in de stoel waar de meester las. Wie in de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw een tijdgenoot van Mulisch was zal zich de ogen hebben uitgewreven. Onder invloed van Adolf Hitler ontpopte Mulisch zich tot een geëngageerd deelnemer aan de geschiedenis. Vanaf de jaren tachtig werd hij van deelnemer beschouwer. Maar de invloed van Hitler bleef.
Naar aanleiding van ‘Nashville’: de actualiteit van het atheïsme
Het blijft, in al zijn eenvoud, een prachtige uitspraak: ‘Alle spreken van Boven komt van beneden, ook de uitspraak dat iets van Boven komt’. De uitspraak werd in 1974 gemunt door theoloog H.M. Kuitert en relativeert ieder spreken namens God. Ik moest er weer eens aan denken na lezing van de Nederlandse variant van de Nashville-verklaring, waarin 200 orthodoxe christenen een banvloek over ‘gender-ideologisch’ Nederland uitspraken. Het manifest van de ondertekenaars van ‘Nashville’ lijkt quasi-eerbiedig, maar de waarschuwingen uit naam van God over de seksuele zedeloosheid in Nederland waren bepaald stellig. De ‘Nashvillers’ zijn trouwens niet de enige christenen die denken God in hun binnenzak te hebben. Een aantal jaren geleden startte de progressieve remonstrantse theoloog Tom Mikkers (foto) een bizarre reclamecampagne om zijn zieltogende kerk op te krikken. Hij deed dat met slogans als ‘Mijn God doet niet aan dogma’s’, ‘Mijn God dwingt me tot niets’ en ‘Mijn God trouwt ook homo’s’. Mikkers wist kennelijk even goed als zijn orthodoxe tegenvoeters wat God zou bewegen. Het is van een merkwaardige hoogmoed, dit spreken namens God.
Iets van die hoogmoed is ook terug te lezen in de triomfalistische studie van de Britse theoloog Alister McGrath, een christen die in The Twilight of Atheism: The Rise and Fall of Disbelief in the Modern World (2004) vergenoegd constateerde dat het geloof in God wereldwijd toeneemt en dat het atheïsme iets van een (ook nog slinkende) minderheid is. Dat is zonder meer waar, maar doet dat iets af aan atheïsme? Ironisch genoeg leert juist McGraths studie onbedoeld hoe redelijk en vitaal de argumenten voor atheïsme eigenlijk zijn. Ik publiceerde dit artikel eerder elders maar beschouw het, naar de titel, nog steeds als actueel.
“Nacht zonder dageraad”? Een protestantse polemiek over Jean-Paul Sartre
Alweer ruim twintig jaar geleden, in 1994, publiceerde ik bijgaand artikel over de felle maar hoogstaande discussie die door protestantse theologen werd gevoerd over het atheïsme van Jean-Paul Sartre. Het hoge niveau en de serieuze inzet van de discussie laat zien dat de protestantse wereld in de jaren vijftig van de vorige eeuw lang niet zo’n gesloten bolwerk was als door de buitenwacht wel wordt verondersteld. Er was vrij debat mogelijk, iets dat je de islamitische wereld anno 2015 van harte gunt. Een openhartige discussie tussen moslimgeleerden over atheïsme is daar nog steeds volstrekt onmogelijk. Erger nog: atheïsten worden in vrijwel alle islamitische landen streng gestraft. In dat licht bezien is de protestantse polemiek niet alleen leerzaam maar ook voorbeeldig te noemen.
“Wij vinden hier een overheersing van de wanhoop”. Nederland en Jean-Paul Sartre, 1938-1950
Ik denk niet altijd meer aan Jean-Paul Sartre, mijn oude jeugdheld. Maar hij is nooit ver weg. Ik werd weer aan hem herinnerd door een uitnodiging van Rina Spigt en Theodor Holman van het radio-programma OBA Live van de Humanistische omroep. Zij vroegen me of ik op 11 februari 2015 over Sartre wilde praten. Sartre stond centraal in de voortreffelijke serie raddraaiers van de redelijkheid. Het programma is hier te horen:http://www.human.nl/speel.RBX_HUMAN_763325.html De uitnodiging deed me terugdenken aan een aantal artikelen die ik eerder publiceerde, vooral over de receptiegeschiedenis van deze ‘raddraaier’, wiens atheïstische en ‘nihilistische’ filosofie in Nederland veel pennen in beweging heeft gebracht. Het meest uitgebreide opstel over Sartres receptiegeschiedenis lag nog op de plank en gaat hierbij. Het bespreekt literaire reacties op zijn werk in Nederland kort voor en kort na de Tweede Wereldoorlog.
Bezwaren tegen bekering

Je hoort het vaker en toch is het telkens weer licht verbijsterend: bekering. Voormalig PVV-Kamerlid en moslimbestrijder Joram van Klaveren (foto) maakte bekend dat hij zich bekeerd heeft tot de islam. Hij wilde een boek schrijven tegen de islam en zei zich voor die gelegenheid nog eens ‘echt’ in die godsdienst verdiept te hebben. En jawel: ‘godzoeker’ Van Klaveren heeft de ene godsdienst (het christendom) ingeruild voor de andere (de islam). Houdt dit bizarre verschijnsel dan nooit op? Vermoedelijk niet. Van Klaveren had een roemruchte voorganger in de Franse filosoof Roger Garaudy, die je zelfs als een ‘bekeerling van professie’ zou kunnen omschrijven.
Lees verderHet religieuze geweld van professor Kamphuis
Vrijwel geen artikel dat ik publiceerde heeft zoveel ophef veroorzaakt als het onderstaande, voor het eerst gepubliceerd in januari 2012. Professor Jaap Kamphuis, hoogleraar kerkgeschiedenis en dogmatiek aan de Theologische Hogeschool aan de Broederweg te Kampen namens de zogeheten gereformeerde kerken vrijgemaakt, was eind 2011 gestorven en werd herdacht, onder meer in ‘zijn’ krant, het Nederlands Dagblad. Deze scherpslijper nam anderen uit naam van zijn (‘ware’) kerk de maat. Ik zou dansen op zijn pas gedolven graf, zo luidde een van de verwijten. Anderen waren daarentegen verheugd dat ik herinnerde aan wat zorgvuldig verzwegen werd: dat deze man in zijn gemeenschap slachtoffers had gemaakt met zijn religieuze geweld.
Lees verder

