Vrijdagmiddag 13 november 2015 verkeerde ik in goed gezelschap op het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis. Ik gaf daar, evenals socioloog Marcel van der Linden en historicus Dennis Bos, een lezing over Het Communistisch manifest naar aanleiding van de nieuwe vertaling die van de hand van Hans Driessen is verschenen bij uitgeverij Van Tilt. Elsbeth Etty leidde nadien de hartstochtelijke discussie tussen de sprekers en met het publiek, een discussie die in een prettige sfeer verliep. Hieronder volgt een bewerking van mijn lezing.
Auteursarchief: wimberkelaar
Anton Constandse, de intrigerende erfenis van een vrijdenker, atheïst en politiek commentator
Op 30 oktober 2015 sprak ik in het onvolprezen radioprogramma OBA live van de Humanistische omroep over vrijdenker, atheïst en politiek commentator Anton Constandse (1899-1985) in de serie ‘Raddraaiers van de redelijkheid’. Ik ontdekte Constandse toen ik achttien jaar was. In de openbare bibliotheek van De Bilt leende ik in 1978 de essaybundel Bevrijding door verachting, die twee jaar daarvoor was verschenen. Wat een intrigerende titel…En wat een inhoud voor een achttienjarige: opstellen over Ludwig Feuerbach, Max Stirner, Denis Diderot en Arthur Schopenhauer. Van die man wilde ik meer weten. In 1979 vroeg ik voor mijn negentiende verjaardag aan mijn vriendinnen Tanja en Willemijn (wat zou er van hen geworden zijn?) het zojuist verschenen themanummer “Anton Constandse 80” van De Gids, het tijdschrift waarvan Constandse jarenlang redacteur was. Dit jaar is het dertig jaar geleden dat de vrijdenker stierf. Wat is zijn erfenis?
Lees verderGeld en geilheid, een halve eeuw pornografie in Nederland
Ik heb altijd een sterke belangstelling voor de geschiedenis van seks gehad. Je hoeft geen aanhanger van Sigmund Freud te zijn om te beseffen dat veel menselijk contact onderhuids bepaald wordt door lust. Onderhuids, want zodra openlijk over seks wordt gesproken heerst er grote verlegenheid. In een toch liberaal land als Nederland worden op televisie tal van gewelddadige films vertoond maar zijn expliciete seksfilms nog steeds taboe. Dat bewees nog eens de uitzending van de pornofilm Deep Throat op de Nederlandse televisie in februari 2008. De film werd aan de rand van de nacht uitgezonden, want o wee: de brave burger zou eens een pijp-scene zien… Toch was Nederland zelf niet vies van de productie en handel in seks, zo blijkt uit het voortreffelijke boek De lustfabriek. 50 jaar Nederlandse porno-industrie dat drie journalisten in 2014 publiceerden.
Ger Verrips (1928-2015), schrijver uit ‘de eeuw van uitersten’
Op 31 augustus 2015 stierf Ger Verrips, schrijver van romans, essays en biografieën. Ik interviewde hem op 9 mei 2004 voor het historisch radio-programma OVT van de VPRO over zijn biografie over Karel van het Reve. Jaren later ontmoette ik hem af en toe bij de Vrienden van het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis.
Ik koesterde sympathie voor de man, die zich niet zonder moeite losgemaakt had van de Communistische Partij van Nederland. Verrips kwam er laat achter dat hij eigenlijk te eerlijk was voor een beweging die doortrokken was van manipulatie, leugenachtigheid en conformisme. Zijn keuze voor het humanisme paste naadloos bij deze onopgesmukte schrijver die een (te) weinig opgemerkt oeuvre aan de wereld nalaat.
Joost Zwagerman, de schrijver die publiekslieveling werd

Sommige zelfmoorden zijn voorspelbaar, vervelend en gespeend van elke tragiek. Die van Herman Brood bijvoorbeeld, de rock en roll-junkie die vanaf het Hilton hotel de dood tegemoet sprong. Bij Joost Zwagerman ligt dat anders: hij schreef tegen zelfmoord (ook tegen de romantiek die om de zelfmoord van Brood heen hing) en leek juist zeer aan het leven te hangen. Waarom dan toch die zelfgekozen dood? Zijn dood geeft te denken over zijn schrijverschap. Want schrijver wilde hij altijd zijn. Hij was het ook. Maar was hij de schrijver die hij wilde zijn? Een interpretatie.
Lees verderPredikant, priester, rabbijn en imam: misschien wel de vreemdste beroepen ter wereld
Vanochtend sprak ik uitvoerig met een predikant. Niet de man op de foto hiernaast overigens, dat is ‘hofprediker’ Carel ter Linden, de man die koning Willem Alexander nog catechisatie gaf. De predikant die ik sprak is alleraardigst, intelligent, erudiet en bevlogen. En ook met de intentie om het goede te doen. En toch denk je steeds: wat is dat toch een apart beroep, dominee. Hetzelfde geldt voor het beroep van priester, rabbijn of imam. Al deze voorgangers hebben misschien wel het vreemdste beroep ter wereld. Hoe is het immers mogelijk dat een mens zijn hele leven in dienst stelt van de bestudering en uitleg van één enkel heilig boek, of het nu de Tenach, de Bijbel of de Koran betreft?
Mein Kampf, een wonderlijke mengeling van autobiografie, wereldbeschouwing en mythologie
Er zullen niet veel Nederlanders zijn die Adolf Hitlers Mein Kampf enkele keren integraal gelezen hebben. Ik beschik al jaren over vijf edities van het boek, dat ik als student geschiedenis ooit uitvoerig bestudeerde en enkele jaren terug weer eens herlas, in de vertaling van de in 2008 overleden Steven Barends. Ik schreef er een artikel over in Trouw naar aanleiding van de provocerende opmerking van Geert Wilders dat de Koran een soort Mein Kampf zou zijn. Die vergelijking is als het vergelijken van appels en peren en kan hier terzijde worden gelaten. Maar Mein Kampf, het enige verboden boek in Nederland, wat is dat nu voor een boek? Een even wonderlijke als fascinerende mengeling van autobiografie, wereldbeschouwing en mythologie.
Hitler, privé en politiek: loyaal, charmant maar altijd heerszuchtig
Toen Volker Ullrich in 2013 het eerste deel van zijn Hitler-biografie publiceerde (de Nederlandse vertaling verscheen in 2014) was ik aangenaam verrast. Ullrich betoogde namelijk, anders dan zijn voorganger Ian Kershaw, dat Hitler wel degelijk een privéleven had en niet slechts ‘politicus’ was. Hij ging zo in tegen het gangbare beeld dat Hitler een ‘onpersoon’ was die alleen als ‘politiek dier’ functioneerde. In een beknopt artikel, dat verder uiteraard niet in de schaduw kan staan van Ullrichs monumentale biografie, probeerde ik enkele jaren geleden ook al eens anders te kijken naar Hitler. In een poging dit meest onbegrijpelijke leven ooit enigszins te doorgronden.
Michel van der Plas, de man achter de weemoedige liederen van Frans Halsema
Vrijwel niemand van dertig jaar of jonger kent nog zijn naam: Frans Halsema. Toch is hij nog niet helemaal vergeten, want er circuleren verscheidene levensbeschrijvingen van hem op internet. Terecht, want wat had deze man een mooie stem, wat kon hij zingen en wat waren de teksten van zijn liederen prachtig. Teksten, die dikwijls van Michel van der Plas (foto) zijn. Van der Plas schreef een enorm oeuvre bijeen dat ontzag wekt. Maar zijn teksten voor Frans Halsema wekken meer dan ontzag, zij raken het gemoed.
Henk van Gelre, een leven lang op zoek naar literaire en filosofische helden
Ergens in de jaren negentig vatte ik het plan op om een studie te schrijven over de receptie van de Amerikaanse schrijver Henry Miller (1891-1980) in Nederland. Ik ging er vanuit dat Miller zijn leven ongecensureerd en zonder veel opsmuk aan het papier had toevertrouwd en beschouwde hem in alle naïeviteit als een soort existentialist in de traditie van mijn jeugdheld Jean-Paul Sartre. Aangezien Miller bovendien veelvuldig over seks schreef, leek hij me nog interessanter. Seks was in de Europese en Amerikaanse cultuur voor de Tweede Wereldoorlog immers een taboeonderwerp, zoals het dat tegenwoordig in verscheidene werelddelen nog altijd is. In mijn beperkte onderzoek in Nederland stuitte ik al snel op de naam van Henk van Gelre (foto), pseudoniem van de journalist Henk Jansen.

