Het ‘ethische atheïsme’ van Albert Camus

Albert Camus 1Ik was dezer dagen op ziekenbezoek bij een vriend, die de afgelopen jaren al zoveel geliefden aan de dood heeft verloren en dacht op de terugweg naar huis na over het godsgeloof dat het overgrote deel van de wereldbevolking beheerst. Ik ken van al die gelovigen vooral christenen en waardeer dikwijls hun zachtmoedigheid, menselijkheid en medeleven. Maar toch blijft de vraag hoe het mogelijk is in een (goede) god te geloven als je zoveel lijden om je heen ziet. Orthodoxe gelovigen in Jahweh, God of Allah berusten niet zelden in de uitdrukking: de mens wikt en de almachtige God beschikt. Hoe anders Albert Camus, de schrijver die 55 jaar geleden omkwam bij een auto-ongeluk. Camus was niet zomaar atheïst, hij was een ‘ethisch atheïst’: hij kwam in opstand tegen de wrede en onverschillige goden.

Lees verder

Bob Smalhout, strijder tegen het ‘gebroken bestaan’ en najager van een mooie illusie

Op 2 juli 2015 stierf de anesthesist Bob Smalhout. Zijn dood zou geheel en al langs me heen zijn gegaan, ware het niet dat mijn goede vader een jarenlange band met hem had en veel over hem sprak. Smalhout was niet zomaar een medicus, hij kon als een van de weinigen van zijn vakgenoten ook schrijven. Evenals cardioloog A.J. Dunning belichtte hij de geneeskunde maar hij deed het met meer emotie en minder beschouwend. En hij ontpopte zich als een ‘verontrust’ amateurpoliticus die slechts dankzij zijn tweewekelijkse column voor De Telegraaf werd behoed voor een tot mislukken gedoemde carrière bij de Lijst Pim Fortuyn. De professor was een bewogen man met een oprecht hart voor ‘gewone mensen’. Soms leek het echter of hij slachtofferschap koesterde. Tuk op aandacht was hij evenmin vrij van narcisme.

Lees verder

Verwante vijanden. Gereformeerden en het communisme

MarxWaar gereformeerden God soeverein achtten, daar stelden communisten de volkssoevereiniteit centraal. Die scherpe ideologische tegenstelling bepaalde decennialang hun moeizame verhouding. Toch leken gereformeerden en communisten meer op elkaar dan ze zelf voor waar hielden: ze stelden eenheid en onvoorwaardelijke overgave aan de gemeenschap centraal en schroomden niet de rijen te zuiveren als ze meenden dat die bedreigd werd. Uiteindelijk verwaterden hun beginselen en verdwenen ze als machtsfactor van betekenis uit de geschiedenis. Niet echter zonder een spoor in de geschiedenis achter te laten, integendeel. Hoe gereformeerden in de twintigste eeuw dachten over het communisme beschreef ik in 2009 in Het gereformeerde geheugen. Anno 2015 besef ik eens temeer hoezeer de verhouding tussen gereformeerden en communisten geschiedenis is geworden en in de vergetelheid raakt. Genoeg reden het stuk hier nog eens te publiceren. 

Lees verder

Goedbedoelde wereldvreemdheid

discussie CU 2Op vrijdagmiddag 19 juni 2015 vond in het Catharijneconvent in Utrecht een discussie plaats over ‘de ziel van de samenleving’, georganiseerd door het Wetenschappelijk Instituut van de ChristenUnie. Aan dat debat werd deelgenomen door christen Gert Jan Segers, Tweede Kamerlid van de ChristenUnie, en moslim Mostafa Hilali, die na de aanslag op de redactie van Charlie Hebdo de website ‘Niet mijn islam’ startte. Omdat schrijfster en columniste Nausicaa Marbe door griep verhinderd was, vroeg de ChristenUnie mij op het laatste moment als haar vervanger. Of ik als vrijdenker enkele stellingen zou willen betrekken en uitspreken. Zo gezegd, zo gedaan. De uitgesproken tekst staat hieronder en vormde mijn opmaat naar de hoffelijke en op aangename toon gevoerde discussie met mijn opponenten Hilali en Segers. 

Lees verder

Harry Mulisch, Okke Jager en de dood

Harry Mulisch 2Toen Harry Mulisch op 30 oktober 2010 stierf wist ik: de dood bestaat echt. Mulisch heeft dikwijls provocerend over de dood gesproken, zowel voor als tijdens de ziekte die hem in de jaren tachtig trof. Mulisch beschouwde de dood niet als een grens maar als ‘eeuwige vernietiging’, al wilde hij die vernietiging eerst weleens bewezen zien. De eens bekende theoloog en predikant Okke Jager sprak eveneens veelvuldig over de dood. Hij beschouwde die ‘in zijn ware gedaante’, dat wil zeggen als een vijand. Mulisch stierf als een epicurist die hoopte dat zijn oeuvre hem de eeuwigheid zou schenken, terwijl Jager stierf als een christen die leefde in de hoop dat de dood het einde niet is. De moraal van dit verhaal, dat eerder elders is gepubliceerd: iedereen heeft een eigen kijk op de dood, waarover niets en (dus) alles te zeggen valt.

Lees verder

Arthur Koestler, de man die slaagde

Op 12 juni 2015 stond Arthur Koestler centraal in de serie Raddraaiers van de redelijkheid van OBA Live (Human). Het programma is hier te horen:https://www.human.nl/speel~RBX_HUMAN_860113~wim-berkelaar-over-de-schrijver-arthur-koestler-oba-live~.html Koestler was een politiek activist, een rusteloze zwerver, een womanizer, een wetenschapsjournalist en wat al niet meer. Maar hij dankt zijn naam en faam vooral aan zijn roman Nacht in de middag, een meesterlijke en vroege (het boek verscheen in 1940) ontleding van de communistische partijtijger, voor wie het doel de middelen heiligde, ook al schoot het eigen leven erbij in. In 2012 verscheen een nieuwe editie van het boek bij de onvolprezen uitgeverij Schokland in De Bilt. Ik schreef een nawoord en publiceer dat hier, aangezien nooit genoeg aandacht kan worden gevraagd voor het boek en voor de inmiddels vrijwel vergeten maar eens wereldberoemde schrijver.

Lees verder

Johan van der Hoeven, een eigenzinnig ‘filosofoloog’

Op 29 april 2015 stierf de VU-filosoof Johan van der Hoeven. Hij was tussen 1963 en 1998 verbonden aan wat eerst de Centrale Interfaculteit en vanaf 1987 de faculteit der wijsbegeerte van de Vrije Universiteit heette. Van der Hoeven was verbonden met de calvinistische wijsbegeerte, maar vormde daarvan geen geharnaste representant. Hij was evenmin een eenvoudige apologeet maar veeleer een zoekend en peilend filosoof met een sterke belangstelling voor de wijsbegeerte van zijn tijd.

Lees verder

De literaire ambities van Pieter Geyl

geyl2Pieter Geyl genoot na de Tweede Wereldoorlog internationale faam als historicus. Maar een ding bleef steken: dat hij nooit erkenning vond als literator. Hij publiceerde gedichten en een detective maar kreeg daarvoor nooit de waardering waarop hij recht meende te hebben. Ik zocht enkele jaren geleden voor het literaire tijdschrift Liter uit hoe er op Geyls literaire werk werd gereageerd en bracht  in kaart hoe hij daar vervolgens zelf weer op reageerde. Dit artikel gaat uitsluitend over Geyls literaire ambities maar mij bekroop bij het schrijven destijds een diepere vraag: wat is het toch dat schrijvers (en een schrijver was Geyl) vooral als literator erkenning zoeken? Waarom wordt literatuur nog altijd hoger aangeslagen dan geschiedschrijving of essayistiek? 

Lees verder

Pieter Geyl, de erfenis van een hartstochtelijk historicus en polemist

Pieter Geyl 1Alweer een decennium geleden schreef ik een artikel over historicus Pieter Geyl (1887-1966) voor het zogenoemde Kritisch Denkers Lexicon, waarin het leven en het werk van intellectuelen uit de twintigste eeuw werd belicht. Het verscheen in een losbladig boekwerk maar was nooit toegankelijk voor het wereldwijde web. Om de inmiddels vrijwel vergeten Geyl in herinnering te houden publiceer ik het hier nog eens in licht gewijzigde vorm. Bij al zijn tekortkomingen was Geyl namelijk een historicus van formaat. Hij wierp een ander licht op de Nederlandse opstand en toonde zich ook anderszins een eigenzinnig intellectueel. Als democraat onderkende hij bovendien al snel de gevaren van het nationaalsocialisme en het communisme. Kritische lezing van zijn dikwijls polemische boeken en essays is een halve eeuw na zijn dood nog steeds de moeite waard.  

Lees verder

Ad den Besten, de ‘aankomende dichter’ die als vertaler en liedboekdichter aankwam

Ad den BestenOp 31 maart 2015 stierf de dichter en vertaler Ad den Besten. Hij leed zelf de laatste jaren van zijn leven aan vergeetachtigheid maar was ook in de vergetelheid geraakt bij het grote publiek. Slechts een kleine schare van liefhebbers van de dichtkunst kent zijn naam nog als de man die een cruciale rol speelde in de naoorlogse dichtkunst in Nederland. En daarnaast genoot hij bij kerkgangers naam als medewerker aan het Liedboek voor de kerken en de psalmberijming, die hij in de roerige jaren zestig en zeventig een nieuwe toon verschafte, samen met de destijds al even befaamde dichters Willem Barnard, Jan Willem Schulte Nordholt, Jan Wit en Klaas Heeroma. 

Lees verder