Bepaald niet gek: bij de dood van Zjores Medvedev (14 november 1925-15 november 2018)

Roy en ZjoresHeeft er ooit zo’n imponerende tweeling op aarde rondgelopen als de gebroeders Medvedev? Ik denk het niet. De historicus Roy (links) en de biochemicus Zjores (rechts) hebben samen en afzonderlijk een enorm oeuvre bij elkaar geschreven, voornamelijk over de misstanden in de Sovjetunie. Ze werden ieder op eigen wijze ook zelf slachtoffer van het totalitaire communistische systeem, maar waren niet klein te krijgen. En niet van elkaar te scheiden, hoe ver ze ook uit elkaar woonden. Tot de dood Zjores op 15 november jongstleden hen scheidde, een dag na hun beider verjaardag. Die vierden ze in Londen vierden ten huize van Zjores, die daar na zijn verbanning uit de Sovjetunie decennia woonde en bleef wonen, ook al had de laatste Sovjetleider Michail Gorbatsjov hem in 1990 het staatsburgerschap weer teruggegeven. Roy bleef, lang geschaduwd door de geheime dienst KGB, in Moskou. De geschiedenis van beide broers laat zich lezen als een persoonlijke geschiedenis van de Sovjet-tragedie, waarin zij zich – zo kan zonder terughoudendheid worden gesteld – bijzonder heldhaftig gedroegen.

laatHoewel het bekendste boek van de tweeling op de naam staat van historicus Roy (zijn geschiedenis van het stalinisme Let History Judge, eerst in 1971 in een Engelse editie verschenen en twee jaar later in het Nederlands gepubliceerd als Laat de geschiedenis oordelen) was dit niet het eerste boek dat ik van een Medvedev las.

Dat was Tien jaar na Ivan Denisovitsj, geschreven door Zjores Medvedev. De titel van het boek is een verwijzing naar de novelle Een dag uit het leven van Ivan Denisovitsj, die Solzjenitsyn begin jaren zestig met toestemming van partijleider Nikita Chroesjtsjov publiceerde en die een sensatie was in de Sovjetunie: hier werd voor het eerst voor een groot publiek een dag uit het leven van Goelaggevangene verbeeld. Het boek maakte op mij toen ik het in de jaren tachtig las een verpletterende indruk: ik kende geen indringender verslag van de onderdrukking en pesterijen in de Sovjetunie ten tijde van het Brezjnev-regime.

tien jaarNa de dood van Chroesjtsjov raakte Solzjenitsyn (het verhaal mag bekend verondersteld worden) in hevig conflict met diens opvolgers die een voorzichtige rehabilitatie van Stalin voorstonden. Zijn grote romans In de eerste cirkel en Kankerpaviljoen mochten niet meer verschijnen maar circuleerden ondergronds. Solzjenitsyn verbleef anno 1971 nog in de Sovjetunie en dat gold ook voor Zjores Medvedev, die in november van dat jaar aan zijn boek over Solzjenitsyn begon en een jaar later de laatste hand legde aan zijn manuscript.

Waarom dit boek over Solzjenitsyn? Omdat de schrijver (die in 1970 onderscheiden werd met de Nobelprijs voor literatuur en daardoor – in een tijd dat dissidenten hevig werden vervolgd – betrekkelijk onschendbaar was in de Sovjetunie) Medvedev had ondersteund tijdens zijn strijd met het Sovjetregime. Tien jaar na Ivan Denisovitsj was dus een boek geschreven uit dank voor diens solidariteit.

zjoresSolidariteit kon Zjores (foto) ook wel gebruiken, want hij stond vanaf 1963 onder zware druk van de autoriteiten. De biochemicus was met tweelingbroer Roy opgegroeid in een overtuigd socialistisch gezin. Hun vader Alexander had gevochten in de burgeroorlog die volgde op de Russische revolutie van 1917 en klom als overtuigd bolsjewiek op tot lector aan de militaire academie in Leningrad. In augustus 1938 werd Alexander Medvedev voor het eerst van zijn bed gelicht en een maand later verdween hij definitief in de Goelag, waar hij dwangarbeid verrichtte aan de poolcirkel en stierf aan botkanker.

LysenkoHet lot van hun vader zou het leven van de zoons tekenen. Hun beider leven stond in het teken van waarheidsvinding: de waarheid over het lot van hun vader, waar nadien geheimzinnig over werd gedaan en de waarheid over de verschrikkingen van het stalinisme. Allereerst natuurlijk de waarheid over het menselijk leed, gevolg van de grootschalige onderdrukking en vervolging van de Russische bevolking door Stalin en zijn trawanten. Maar ook de waarheid over de catastrofale kwakzalverij die onder Stalin vrij spel kreeg in de (natuur)wetenschap. Hier moet onvermijdelijk de naam van Trofim Lysenko (foto) vallen.

Afgaand op een uitstekend artikel van de neurochirurg Dick Zeilstra in Skepter, het tijdschrift van de stichting Skepsis, (https://skepsis.nl/trofim-lysenko/) genoot Lysenko (1898-1976), een opleiding tot landbouwkundige, een opleiding die bittere gevolgen had voor zijn werk als zelfverklaard bioloog. Lysenko wist van toeten noch blazen maar koesterde desondanks de ambitie een ‘marxistische biologie’ te ontwikkelen, waarin uitgegaan werd van de algehele erfelijkheid van levend materiaal zonder dat chromosomen en mutaties een rol speelden. Gesteund door Stalin en Chroesjtsjov begon Lysenko een campagne tegen ‘burgerlijke genetica’ die op verzet stuitte van de jonge biochemicus Zjores Medvedev.

affairHij schreef in 1963 kritisch over de campagne en publiceerde een boek tegen Lysenko’s humbug dat ondergronds werd verspreid en Solzjenitsyn onder ogen kwam. Hij schreef Medvedev op 2 september 1964: ‘Ik kan mij niet herinneren dat ik de laatste jaren door een boek zozeer getroffen ben als dat van u. De oprechtheid, het overtuigende, de eenvoud, de uitgekiende opbouw en de ingehouden toon ervan zijn boven alle lof verheven. Dit boek is voor de huidige tijd ontegenzeggelijk van het grootste belang.’

Maar het boek verscheen niet in de Sovjetunie, hoewel het, zo schrijft de Amerikaanse historicus David Joravsky in zijn onvolprezen studie The Lysenko Affair (1970), aanbevolen werd door een speciale commissie van de Russische academie van wetenschappen. Na jaren met zijn manuscript te hebben geleurd liet Medvedev het in 1969 ten slotte publiceren door Columbia University Press onder de titel The Rise and fall of T.D. Lysenko.

gekWant Medvedev mocht dan in ongenade zijn gevallen, Lysenko was dat na de val van Chroesjtsjov eveneens, al waren de gevolgen voor hem veel minder ernstig. Terwijl Lysenko kon genieten van zijn pensioen, begonnen de problemen voor Medvedev nu pas echt. Hij raakte werkloos en kwam voor het eerst in aanraking met het nieuwste wapen van het terroristische Sovjetregime: iemand voor gek verklaren en laten opsluiten in een kliniek. Zjores en Roy Medvedev hebben in Wie is er gek? (1973) meeslepend verslag gedaan van de terreur, die begon met geraffineerde treiterij. Medvedev werd ontboden door de voorzitter van de plaatselijke Sovjet, die hem indringend vroeg hoe het met zijn zoon ging. Was hij er niet een van een tweeling? Wist hij niet dat kinderen van tweelingen dikwijls geestelijke problemen hadden?

Toen bleek dat Medvedev het spel doorzag en zijn medewerking aan ‘onderzoek’ weigerde, raakte het geduld van de autoriteiten op. Op 29 mei 1970 werd hij gearresteerd in een psychiatrische kliniek en aan een kruisverhoor onderworpen door verscheidene psychiaters die hem ‘schizofreen’ noemden, bezeten van de ‘paranoïde waan de samenleving te willen veranderen’.

BoekovskiZjores Medvedev was een van de eerste slachtoffers van deze nieuwe terreur, die grote bekendheid zou krijgen dankzij een andere dissident, Vladimir Boekovski (1942). Boekovski (foto) zou zich in de jaren zeventig al even onverschrokken tegen zijn opsluiting verzetten en zich na zijn vrijlating in 1976 eveneens in Londen vestigen, waar hij een prachtig boek schreef over zijn ervaringen: Kasteel tussen vier muren.

De opsluiting van Zjores Medvedev duurde relatief kort en wel dankzij een wereldwijd protest, aangezwengeld door zijn broer Roy die rond 1970 eveneens in aanvaring met de autoriteiten kwam en wel vanwege het voornoemde boek Laat de geschiedenis oordelen. Na drie weken werd Zjores Medvedev vrijgelaten. Eind 1972, vlak nadat hij het manuscript over Solzjenitsyn had voltooid, kreeg hij toestemming om in Londen te werken bij het National Institute for Medical Research. Eenmaal in Londen ontnam het Sovjetregime hem het staatsburgerschap en begon zijn leven als banneling.

ChroesjtsjovDat moet Medvedev zwaar zijn gevallen. Niet alleen omdat hij zijn geboortegrond moest missen, maar vooral door het gemis van zijn tweelingbroer met wie hij, naast het verslag Wie is er gek?, verscheidene boeken publiceerde, onder meer een sympathiserende biografie over Chroesjtsjov (foto), die de beide broers altijd dankbaar bleven dat hij Stalin in zijn befaamde destalinisatierede aanklaagde en vele slachtoffers rehabiliteerde.

Wel bleven de broers gevangenen van de socialistische idee, vooral Roy, die Solzjenitsyns De goelag archipel bekritiseerde omdat deze ‘proeve van een artistieke studie’ de terreur liet beginnen bij Lenin en niet bij Stalin. Roy Medvedev kon zich geen leven zonder socialisme voorstellen, maar dat was hem ook ingegeven door de gedachtenis aan zijn idealistische vader Alexander, die als zovele communisten verslonden werd door de revolutie. In een prachtig vraaggesprek met Coen van Zwol in NRC Handelsblad op 9 maart 2003 komt Roy Medvedev naar voren als een man die alles kwijt is: zijn vader en ook het Sovjet-experiment, aan de gruwelen waarvan hij zijn levenswerk wijdde, juist omdat hij in het oorspronkelijke ideaal (een socialistisch Rusland) geloofde.

unknownEn Zjores? Hij zat op afstand in Londen, wat hem echter niet weerhield van intense betrokkenheid bij zijn ‘socialistische’ vaderland. Hij publiceerde in 1986, een jaar na diens aantreden, een doorwrochte biografie over Michail Gorbatsjov die vanzelfsprekend door de tijd is achterhaald. En hij bleef een gerespecteerd biochemicus die bleef publiceren over zijn vakgebied. Na de ondergang van het Sovjetcommunisme was het voor de broers gemakkelijker contact te onderhouden en samen te publiceren. Ze schreven in 2003 de boeiende studie The Unknown Stalin. His Life, Death and Legacy – een zoveelste bewijs dat Stalin en het stalinisme de broers tot op hoge leeftijd bleef bezighouden.

Met de dood van Zjores is de tweeling geamputeerd. Hoewel dezer dagen gelukkig herdacht in de grote internationale kranten (The New York Times, The Washington Post) zijn Zjores en Roy Medvedev namen die een groot publiek niets meer zullen zeggen, al was het maar omdat het communistische experiment (gelukkig) alweer bijna dertig geleden ter ziele is.

Maar dat laat onverlet dat de broers Rusland en de wereld veel hebben gebracht: ze schreven ieder afzonderlijk en samen een indrukwekkend oeuvre maar belangrijker dan dat: ze blonken uit in moed en volhardden in waarheidsvinding in een tijd (1917-1991) dat de leugen in Rusland regeerde. En treurig genoeg regeert die leugen nog steeds, al verpakken de huidige machthebbers hun leugens niet langer in communistische fraseologie.