Catherine Nixey, een klassiek historica in de atheïstische Britse traditie

Eeuwen van duisternisOnlangs publiceerde de Britse historica Catherine Nixey The Darkening Age, in het Nederlands vertaald als Eeuwen van duisternis en uitgegeven door Hollands Diep. Het boek is opgezet als een historische studie maar valt eigenlijk te lezen als een lang gerekte polemiek tegen het vroege christendom, dat er door Nixey van beschuldigd wordt de klassieke cultuur te hebben vernietigd. Nixey staat in een intrigerende traditie: ze is niet de eerste Engelse oud-historicus die het christendom polemisch bestrijdt. Wat is dat toch met de Britten, die niet alleen een eigen kerkgenootschap hebben maar ook een aantal spraakmakende atheïsten in heden en verleden kennen?

Catherine NixeyIn de autobiografisch getinte inleiding van haar boek speelt Nixey (foto) open kaart. Ze schrijft dat ze kind is van een gewezen monnik en een gewezen non, die uit de kerk traden en voor elkaar kozen. Het eens vurig beleden geloof verwaterde, maar haar ouders behielden waardering voor het cultuurchristendom. Het christendom, zo leerden ze Catherine Nixey, had dan toch maar mooi de klassieke cultuur bewaard en doorgegeven aan de moderne tijd.

Nadat ze in Cambridge de Oudheid studeerde, ontdekte Nixey naar eigen zeggen dat dit een mythe was. Er was dan wel wat van de klassieke cultuur bewaard, negentig procent van alle beeldende kunst, filosofie en literatuur zou zijn vernietigd. Meer nog: christenen zouden ook heidenen hebben vervolgd en vermoord. Nixey keert zich met al haar polemische kracht tegen wat ze als een mythe beschouwt: dat de opkomst van het christendom door heidenen welwillend werd bezien en zelfs gretig zou zijn omarmd, waardoor de overgang van het heidense Rome naar de christelijke middeleeuwen geruisloos zou zijn verlopen.

ConstantijnDe verdienste van haar studie is dat ze, door veel bronnen gestaafd, laat uitkomen dat het zo eenvoudig niet was. Het christelijke monotheïsme, dat zich in de eerste eeuw krachtig verzette tegen de verering van de vele goden in Rome (onder wie de vergoddelijkte keizers), ontpopte zich na de verheffing tot staatsgodsdienst in de vierde eeuw onder keizer Constantijn (afbeelding) allengs tot een onverdraagzame geloofsgemeenschap die alles dat riekte naar de oude cultuur zoveel mogelijk probeerde te vernietigen.

Nixey heeft gelijk waar haar ouders ongelijk hebben: geen monotheïstische godsdienst is onmiddellijk omarmd en op het schild geheven. De vestiging van het christendom is gepaard gegaan met debat, met strijd en daarbij behorende wederzijdse onverdraagzaamheid. Hoe kon het ook anders toen christenen stellig beweerden dat een Joodse timmermanszoon uit Nazareth ‘de weg, de waarheid en het leven’ was? Het liep in het oude Rome vanzelfsprekend verzet op van hen die gehecht waren aan het polytheïsme.

Niettemin loog de kritiek op Eeuwen van duisternis er niet om. In haar eigen land werd betoogd dat Nixey doorsloeg in haar kritiek op het christendom en werd haar slordig gebruik van bronnen voor de voeten gegooid. In ons land wijdde Enne Koops (evenmin als ik oud-historicus) een grondige bespreking aan het boek op Historieknet (https://historiek.net/de-gewelddadige-christenen-van-het-vroege-christendom/72117/) waarbij hij haar onder meer verweet een onduidelijke chronologie te hanteren, een (gedeeltelijk) onjuiste vergelijking met IS te maken (dat niet alleen kunstschatten vernietigde maar ook mensen) en niet duidelijk te maken in welke historiografische traditie ze staat.

Edward GibbonDaarin heeft hij gelijk, al valt die traditie tussen de regels door goed af te lezen: Nixey is een intellectuele achterkleindochter van Edward Gibbon, de vermaarde achttiende-eeuwse auteur van The Decline and fall of the Roman Empire. Zoals bekend hield Gibbon er – als typische spruit van de Verlichting – ook nogal krasse oordelen op na over de opkomst van het christendom. Hij veroordeelde de ‘geslepen monarch’ Constantijn (ik volg hier de befaamde verkorte editie van D.M. Low in de Nederlandse vertaling van Paul Syrier) die ‘van plan was de fundering van de oude godsdienst te vernietigen’.

Lane FoxRobin Lane Fox, de eminente emeritus uit Oxford, kwam in 1986 tot een genuanceerdere conclusie, al was die ook niet erg vleiend voor christenen. In Pagans and Christians in the Mediterranean World from the Second Century A.D tot the Conversion of Constatine (in 1989 in het Nederlands vertaald als De droom van Constantijn) stelde hij dat het Christendom het eigen revolutionaire optreden ‘verdoezelde’ door het slim te koppelen aan het heidense verleden. Zo leek het alsof de heidenen op hun beste momenten het christendom al hadden voorspeld – terwijl heidens Rome en de christelijke levensbeschouwing eigenlijk twee verschillende dingen ware.

Natuurlijk, er zijn talloze studies naar de opkomst van het christendom geweest en die kwamen uit alle landen en geledingen, maar het is opmerkelijk dat de spraakmakende en polemische studies over de opkomst van het christendom in de Oudheid vaak van Britse auteurs afkomstig zijn. En dan zijn de atheïstische oud-historici dikwijls nog betrekkelijk onbekend bij het grote publiek, al moet gezegd dat iemand als Robin Lane Fox in Engeland bekend is vanwege zijn columns in de Financial Times over tuinieren, die typisch Britse hobby.

HitchensMaar zijn bekendheid valt in het niet vergeleken met de faam en naam van andere Britse atheïsten, zoals (in het verleden) Bertrand Russell en tegenwoordig de enkele jaren geleden gestorven Christopher Hitchens (foto) en vooral Richard Dawkins. Het principiële atheïsme van Hitchens en Dawkins roept tegelijkertijd veel verzet op, niet alleen van orthodox gelovigen in God maar ook van vrijzinnigen en zelfs van andere vrijdenkers, die hen te dogmatisch, te star en te eenzijdig vinden.

AyerWat is het toch dat juist Groot-Brittannië zulke principiële en ‘harde’ atheïsten voortbrengt? Allereerst is er natuurlijk de dominantie van de analytische filosofie, die het eiland onderscheidt van het continent. Scepsis is een onderstroom in de Britse filosofie. David Hume is een vroeg voorbeeld van die scepsis, die in de twintigste eeuw geradicaliseerd werd door de eerder al genoemde Bertrand Russell en de enkele generaties later geboren Alfred Ayer (foto), die godsdienst rekende tot het gebied buiten de logica. Daarover zijn wel uitspraken te doen maar ze zijn oncontroleerbaar.

Misschien worden de atheïsten tegenwoordig ook wel geprikkeld door de ‘permissive society’ die het eiland is? Terwijl op het vasteland steevast geprobeerd wordt haat zaaiende imams onder controle te brengen en de mohammedaanse jeugd zoveel mogelijk op het pad van de democratie te houden (of te brengen), kunnen anti-democratische moslims in Engeland grotendeels ongestoord hun gang gaan. Daar komt iets bij: de gezapige, met de staat verweven Anglicaanse kerk, telt verscheidene wetenschappers die hun geloof moeiteloos lijken te verenigen met hun werk, zonder dat ze hier veel spanning tussen zien.

dawkinsOf dit alles bijgedragen heeft aan het ‘harde’ atheïsme van Dawkins (foto) cum suis? Wie het weet mag het zeggen. In elk geval staat Catherine Nixey in deze atheïstische Britse traditie. Als was ze een dochter van Richard Dawkins, zo verzet ze zich in Eeuwen van duisternis tegen de lankmoedigheid en het gemak waarmee het christendom wordt voorgesteld als de natuurlijke (en goedmoedige) rechtsopvolger van de heidense Oudheid. Haar felle betoog is niet altijd even overtuigend maar ze heeft wel weer een van de belangrijkste gebeurtenissen uit de Europese geschiedenis ter discussie gesteld.